| | Inscripties
Op heel veel plaatsen
in de Sinai kom je inscripties tegen. Deze zijn honderden tot duizenden jaren
geleden gemaakt, door pelgrims uit verschillende landen, door arbeiders in de
turquoisemijnen, door Egyptenaren die op de rijkdommen in de Sinai afkwamen. Pas
de laatste decennia zijn deze inscripties in kaart gebracht, vooral na de terugtrekking
van de Israeleische troepen uit de Sinai. Studie van de inscripties geeft een
goed beeld van welke volkeren in welke tijden de Sinai bevolkten, wat ze deden,
wat belangrijk voor ze was. De "vertaling" van de inscripties kan verrassende
teksten opleveren, varierend van een zware fylosofische spreuk tot iets wat we
nu zouden vertalen met "Jacob was here". Tot
nog maar een paar jaar geleden was deze schat aan hystorische informatie nog maar
nauwelijks beschermd: de "Rock of Inscriptions" bijvoorbeeld lag voor
iedereen toegankelijk midden in een droge wadi. Gevolg is dat er tussen de duizenden
jaren oude inscripties nu ook "inscripties" van recent toerisme te zien
zijn. Gelukkig heeft men ingezien dat zulke kostbaarheden bescherming nodig hebben,
en nu is er om deze rots dan ook een muurtje gebouwd wat het vandalisme enigszins
tegen zou moeten gaan. Bescherming van alle inscripties is nauwelijks mogelijk,
daarvoor zijn er te veel, en liggen ze te veel verspreid. Hieronder
zullen we je wat vertellen over een aantal soorten inscripties die je in de Sinai
kunt aantreffen.
| |
Proto-Sinaitische
inscripties In 1908 werd
in het gebied rond Serabit el Kadim een bijzondere ontdekking gedaan. Er werden
8 tabletten gevonden, met een tot dan toe onbekend soort inscripties. Het schrift
werd proto-Sinaitisch (of oud-Kanaanitisch) genoemd, en nu wordt algemeen aangenomen
dat dit de voorloper is van het alphabet zoals wij het kennen.
De inscripties bleken te stammen uit de tijd rond 2000 voor Christus, en het is
het eerste schrift waar een teken een klank uitbeeldt in plaats van een heel woord
of een gebeurtenis. Het schrift is duidelijk afgeleid van de bekende Egyptische
hierogliefen. Er is lang gedacht dat rond 1700 voor Christus, toen de Sinai door
Egyptenaren werd veroverd, de lokale bevolking een klein aantal (30) hierogliefen
van de Egyptenaren heeft overgenomen om hun eigen taal te kunnen schrijven. Later
zijn er echter ontdekkingen gedaan in Egypte, waaruit bleek dat er inscripties
in het proto-Sinaitisch voor kwamen die dateerden van rond 2000 voor Christus.
Het blijft een fascinerende gedachte hoe de bevolking
van de Sinai 2000 jaar geleden heeft besloten welke 30 hierogliefen ze van de
Egyptenaren over namen, en welke klank er dan bij een bepaald "plaatje"
hoorde, terwijl tot dan toe zo'n plaatje altijd een heel woord of een gebeurtenis
had uitgedrukt. Dit schrift is tot ongeveer 1100 voor Christus in gebruik geweest. |
| |
Armeense inscripties Op
veel plaatsen in de Sinai komen we Armeense inscripties tegen. De oorsprong van
deze taal ligt niet in het huidige Armenie, maar in de Balkan, en de taal is een
afstammeling van het proto-Sinaitische script. Vanuit Zuid-Oost Europa kwamen
de Armeniers tussen de 8e en de 6e eeuw voor Christus naar Klein-Azie, en van
daaruit naar hun huidige vaderland ten oosten van de Zwarte Zee. Het Armeens wordt
nu nog steeds gesproken door ongeveer 3 miljoen mensen, verspreid over de hele
wereld. De Armeense inscripties
in de Sinai zijn zonder uitzondering gemaakt door pelgrims, die in grote karavanen
(tot 800 personen met kamelen) op weg waren van Jerusalem naar Mt Sinai en het
Katharina klooster, tussen de 7e en 12e eeuw na Christus. Op de bekende pelgrim-routes
kom je op verschillende plaatsen hetzelfde handschrift tegen, en soms ook dezelfde
naam. De inscripties zijn relatief klein, en allemaal dicht bij de grond. Ze zijn
meestal te vinden op de noord- en oosthellingen van een rots, wat waarschijnlijk
te maken heeft met het feit dat ze gemaakt werden tijdens een rustpauze van de
karavaan: deze hellingen lagen op dat tijdstip in de schaduw. In
Wadi Haggag, bij de Rock of Inscriptions, zijn veel Armeense inscripties te bewonderen.
Er wordt gesuggereerd dat dit komt omdat dit een belangrijke rustplaats voor de
karavanen was. Na twee weken door de woestijn trekken vanaf Jerusalem, was hier
niet alleen de nabijheid van een oase (Ain Khudra), maar dit was vooral de eerste
plaats van waaruit de bergen bij Mt Sinai, het reisdoel, te zien waren. Men gaat
er van uit dat de pelgrims hierdoor zo opgewonden werden dat ze hun gedachten
in de rotsen gingen krassen. Op zich zou de nabij gelegen White Canyon een veel
geschiktere rustplaats zijn: dichter bij de oase, en meer beschut, maar
.
van hieruit waren de bergpieken niet te zien! | |

|
Nabateese inscripties De
Nabateers leefden 3500 jaar geleden in het gebied dat we nu kennen als Jordanie,
Syrie, Saoedi-Arabie en Zuid-Israel. De hoofdstad van dit volk was Petra, en ze
leefden voornamelijk van handel via verschillende karavaanroutes. Het gebied waarin
ze leefden was extreem droog, maar door het aanleggen van ondergrondse waterkanalen
konden ze water van ondergrondse bronnen in de bergen via tunnels naar de droge
landbouwgronden brengen. Zoals
elk volk wat handel dreef in die tijd, hebben ze overal langs de karavaanroutes
inscripties in de rotsen achter gelaten. De inscripties in de Sinai dateren vooral
uit de jaren 150 tot 252. De Nabateers waren Arabieren, en uit hun schrift is
honderden jaren later het huidige Arabisch ontstaan. | | 

|
Egyptische inscripties Zoals
je in andere hoofdstukken over de woestijn kunt lezen, kwamen de Egyptenaren in
grote getalen naar de Sinai om daar de turquoise-mijnen te exploiteren. Voornamelijk
in de gebieden van deze mijnen, rond Serabit el Khadim, zijn dan ook veel inscripties
te zien van de oude Egyptenaren. In die tijd werd een reis naar de Sinai als een
groot avontuur gezien. Niet alleen omdat het een lange reis was, maar vooral door
de vele gevaren die de trip over zee en land met zich meebracht, het vreemde klimaat,
en de (voor Egyptenaren) nog vreemdere inwoners van het gebied. Een mooi
voorbeeld hiervan is een verhaal wat samenhangt met een inscriptie die langs het
pad naar de tempel van Serabit el Khadim is aangetroffen: een bootje. Het verhaal
staat bekend als "the tale of the shipwrecked sailor". Het is geschreven
tijdens de 12e dynastie, op papyrus, en ligt nu in het museum in Leningrad. Het
verhaal gaat over een man die een reis naar Bia, de oude naam voor Sinai, heeft
gemaakt. Hij maakte zijn reis via de Rode Zee, op een schip dat 60 meter lang
was, en 20 meter breed. Er ware 120 mensen aan boord, die op weg waren naar de
turquoise-mijnen in de Sinai. Tijdens een hevige storm verging het schip, en alle
opvarenden verdronken, behalve de verteller. Hij spoelde aan op een onbewoond
eiland, waar hij drie dagen lang in eenzaamheid afwachtte. Op de derde dag kwam
er een enorme aardbeving, die veroorzaakt werd door een slang van 15 meter lang.
Het lijf van de slang was bedekt met goud. De slang vraagt aan de man "waarom
ben je hier? Als je het me niet direct vertelt, verander ik je in as". De
man vertelt zijn verhaal, en de slang krijgt medelijden met de man. Om hem te
troosten vertelt de slang wat er met hemzelf gebeurd is op het eiland. Ooit leefden
er 75 slangen op het eiland, totdat er een ster uit de hemel viel, die alle slangen,
op hemzelf na, verbrand heeft. In feite zijn ze dus lotgenoten. Hij vertelt de
man dat er over 4 maanden een schip zal komen om hem naar huis te brengen. De
man is de slang erg dankbaar, en belooft hem allerlei giften. De slang lacht hierom,
want hij is zelf rijk genoeg. Uiteindelijk komt het schip om de man naar huis
te brengen. Hij krijgt van de slang een schat aan rijkdommen mee, die hij bij
thuiskomt aan de Farao overhandigt. Hiervoor wordt hij door de Farao rijkelijk
beloond. De rotstekeningen
van een boot drukken voornamelijk het verlangen uit om snel en veilig weer huiswaarts
te keren. (zie foto) Om de kans
hierop zo groot mogelijk te maken, werden er ook allerlei offer-taferelen in de
rotsen gekrast. (zie foto) | |
|